StartpaginaOver Groene Zorg

Toen

Héél toevallig doorbladerde ik onlangs een oud fotoalbum van bij mij thuis. En ik vind daarin een foto van mijn vader. En ik kan me, hem kennende, zo voorstellen dat hij, zoals het eigen is aan de meeste boeren, weer aan ‘t kreften was, memmen en zagen over te droog, te nat en ‘n koe die niet kalven wilde op ‘t moment dat het hem paste, enz… De volgende foto toont hem me glunderend, content: d’er staat een jonge man (20 jaar misschien) naast hem. Die jonge man, waarvan me verteld werd dat hij de afwas deed, die middag toen mijn moeder naar de Leieboot ging om mij te gaan uitkiezen. ‘n Jonge man, die buiten die éne keer dat hij de afwas heeft gedaan, 1 of 2 keer per week, bij ons op ‘t hof, kwam. Toen ik wat ouder was, heb ik begrepen dat hij ‘n weeskind was, die niet kon leren, en dit verbleef in ‘t weeshuis van het klooster in ons dorp. Dat was “boeren aan welzijn” avant la lettre. Nooit ben ik écht te weten gekomen hoe hij bij ons thuis terecht gekomen is, wat mijn pa of ma daartoe gedaan hebben.

Ikzelf draai ondertussen ongeveer 40 jaar in de welzijnssector mee. En ook in die wereld is kreften, memmen en zagen veel voorkomend: jaarverslagen, op subsidies jagen, ontgoochelingen met cliënten oplopen, als welzijnsgastheer vaak niet weten waar naartoe met de “gasten”. Maar geregeld ook gelukkig zijn en glunderen omdat er gasten geholpen kunnen worden. Mochten we in de fotoalbums van een aantal welzijnsvoorzieningen kunnen kijken, we zouden er zeker vinden waarbij de 1ste uitzendkrachten bij boeren en tuinders vereeuwigd zijn. Dat was “Welzijn met boeren” avant la lettre. Al was dit niet evident en is het waarschijnlijk ‘n gelukkig toeval dat zij boerengastgezinnen vonden.

Vandaag

Zéker waren wij, vanuit Steunpunt Welzijn, ’n deeltje van het welzijnswerkveld, gelukkig toen we de Landelijke Gilden, die vanuit land– en tuinbouw al langer met dezelfde problematiek bezig waren, vonden. Steunpunt Welzijn kent grotendeels de welzijnsinstellingen, de Landelijke Gilden kennen hùn pappenheimers. We vonden elkaar en het idee om te gaan “boeren aan Welzijn” en om te gaan “Welzijnnen met boeren” werd samen geconcretiseerd en leidde tot de oprichting van “Groene Zorg Oost-Vlaanderen”, met als doel beide werelden samen te brengen en een steunpunt te zijn voor beide groepen, boeren en welzijnswerkers.

Als boer gasten op het hof ontvangen of als welzijnsinstelling gasten toevertrouwen aan boeren, is niet meer wat het pakweg 50 jaar geleden was. Onze maatschappij teert op wetten, regels rond alles en nog wat, o.m. aansprakelijkheden, verzekeringen, arbeidswetgeving, sociale zekerheid en ook het tegemoetingsbeleid inzake invaliditeit. Daarnaast is er de diversiteit aan instellingen rond meerder– en minderjarige medemensen en die dan nog ‘n beetje overal gelokaliseerd zijn. Er zijn ook de al meer of min geïnteresseerde boeren en tuinders. Gezien de complexiteit aan onderkende problematieken, wensten de Landelijke Gilden en het Steunpunt Welzijn een degelijk Steunpunt Groene Zorg op z’n poten te zetten met als voornaamste doelen:
- Het opzetten van een contactpunt waar alle geïnteresseerden terecht kunnen maar met veel meer dan een eigen telefoonnummer of iemeel-adres,
- Het stimuleren en bevorderen van de samenwerking tussen de welzijnssector en de wereld van de land– en de tuinbouw.
- Het opzetten van een centrum waar alle - zo aktueel mogelijk gehouden - informatie bijeen gebracht wordt die nodig is op juridisch, sociaal en verzekeringstechnisch vlak.
- En, iedereen die betrokken is in Oost-Vlaanderen bij de op vang van zorgbehoevenden op de land– en tuinbouwbedrijven samen te brengen, nu en dan.

Gaby Desmyter

Over Groene Zorg
Drempel zorg verlaagt voor plattelandsbewoners
Site-overzicht