U bevindt zich hier: In de provincie
Terug naar: Startpagina
Algemeen:
Site-overzicht
Zorgboerderijen in de provincie Utrecht
Op 2 oktober 2003 gingen medewerkers van Groene Zorg Oost-Vlaanderen op verkenningsuitstap naar het provinciehuis van Utrecht. Daar hadden ze een ontmoeting met het Provinciale Steunpunt Landbouw en Zorg.
De uitwisseling had vooral betrekking op de verschillende werkwijzen. Ook de verschillen in het financieringssysteem tussen Nederland en Vlaanderen kwamen aan bod.
Utrecht
Het Provinciale Steunpunt Landbouw en Zorg van Utrecht werd uitgekozen omdat zijn werking heel wat gelijkenis vertoont met deze van Groene Zorg Oost-Vlaanderen. Opvallend is in Utrecht de nauwe en gelijkwaardige betrokkenheid van de administraties welzijn en landbouw.
De uitvoering van het werk (koppeling van vraag vanuit zorg en aanbod vanuit landbouw) wordt er uitbesteed aan een private partner. De werking is projectmatig maar zou op termijn moeten ingebed worden in het reguliere circuit.
In Utrecht (ook in de provincies Drenthe en Overijssel) wordt gekozen voor het ondersteunen van zorgboerderijen waar de zorg professioneel kan waargemaakt worden. Andere provincies leggen andere accenten (bijv. Subsidiereglement waar alle zorgboeren aanspraak op kunnen maken)..
Zorgdoelstellingen kunnen verschillen
In Nederland onderscheidt men drie categorieën van doelstellingen waarmee op zorgboerderijen zorg wordt verleend :
1. Dagbesteding
Beleving is het belangrijkste : bijvoorbeeld als een zorgvrager een ganse dag bezig is met het knuffelen van een dier; vraagt dit een andere houding, en vereist dit specifieke ruimte en tijd in het omgaan met mensen.
2. Arbeidsmatige dagbesteding
(vergelijkbaar met Arbeidszorg in Vlaanderen)
E ris hier geen economische meerwaarde op het bedrijf. Wat de zorgvrager doet is relevant, niet hoe hij/zij het doet. Een zorgboer moet dan op zoek gaan naar hulpmiddelen opdat mensen in het proces zouden passen en hun zelfwaardegevoel toeneemt.
3. Arbeidstraining
(vergelijkbaar met ArbeidsTrajectBegeleiding in Vlaanderen)
Hier is de bedoeling om door te stromen naar betaalde arbeid. De zorgvrager leert werkdruk en structuur aankunnen – soms een scholingstraject (bijv. leren rijden met een landbouwvoertuig) - voor hij in een geschikt leer-werktraject kan instappen.
NL - VL
Het verschil tussen Nederland en Vlaanderen zit dieper dan ‘al ver staan en nog niet zo ver staan’.
Enkele opvallende verschillen :
- Terwijl in Vlaanderen de boer of tuinbouwer hooguit een deel van zijn kosten vergoed krijgt (meestal is zelfs dat nog niet mogelijk) betaalt de zorgsector in Nederland voor de zorg op de boerderij. ‘Welzijn’ huurt als het ware bij ‘landbouw’zorg in.
- De cliënt-indicatie is in Nederland een sleutelgegeven : er dient nauwkeurig omschreven welke vormen van zorg nodig zijn. Voor de vraag- en aanbodkoppeling is dit in Vlaanderen uiteraard ook belangrijk, maar doordat de landbouwer meestal niet vergoed kan worden vanuit de zorgsector is dit toch een andere invalshoek.
- Ook in Nederland zijn er zorgboeren die het vrijwillig doen (het grootste aantal : Utrecht een dertigtal), maar vanuit het Provinciaal Steunpunt wordt de keuze gemaakt om met (9) zorgboerderijen in zee te gaan waar professioneel zorg gegeven wordt en de boer navenant vergoed wordt.
- Groene zorg komt ook in Nederland voor bij zorginstellingen. Zo zijn er instellingen voor mentaal gehandicapten die voor de instelling landschapsonderhoud of staatsbosbeheer gaan maaien, knotten, hooien. Ook dit soort initiatieven valt buiten het strikte werkdomein dat het Provinciaal Steunpunt zich opgelegd heeft.
- Terwijl Vlaanderen nog eerder in de zoekende fase zit, groene zorg nog maar pas ontdekt, is Nederland al verder gevorderd op gebied van visievorming – zowel vanuit het oogpunt ‘landbouw’ als ‘welzijn’.
Financiering
De financiering verloopt in Nederland volgens twee systemen.
- De cliënt koopt ‘zorg in natura’ aan. Het zogeheten:’ Persoonsgebonden budget’ is inmiddels ook in Vlaanderen een begrip in de sector van de personen met een handicap. Wel is het budget in Vlaanderen nog beperkt.
- Daarnaast bestaat er ook overbruggingsfinanciering. De subsidie i sals het ware een ‘smeermiddel’ om de boerderij van starten te kunnen laten gaan als zorgboerderij. Er moet duidelijk een bereidheid zijn tot investering bij kandidaat zorgboeren.
De financiering verschilt niet veel tussen de drie zorgcategorieën (zie hoger) :
– Aanwezigheid is vereist van max. 8 hulpboeren per dag op één zorgboerderij. Dit is bewust heel wat minder dan in een doorsnee instelling. Het moet immers maatwerk blijven.
– Samenwerking tussen de instelling en de zorgboer is belangrijk. De boer is onderaannemer en de instelling blijft de verantwoordelijkheid dragen.
Ga naar: Fonds Lode Verbeeck Medewerkersploeg Groene Zorg breidt uit