een getuigenis van een gelukkige ‘hulpboerin’:
“Sinds enkele weken ga ik iedere woensdagnamiddag werken op de boerderij. Het is daar zeer goed. De boer en de boerin en hun twee zonen zijn vriendelijke mensen. Soms komt grootmoeder ook meehelpen. Meestal begin ik met eieren te roven, dan moet ik de eieren vanuit een plastiek gootje op een kartonnen plaat leggen. De kinderen hebben ook dieren maar daar zorgen ze zelf voor. Soms help ik hen wel eens en geven we samen water aan de steenratjes en de konijnen. Soms mag ik meehelpen met de boerin om boter te maken : de karnemelk gaat in een ijzeren kuip, waarna men de melk laat afvloeien. Het dik wordt dan uitgeschept, gewogen en in pakjes geperst. Zo zijn de pakjes hoeveboter klaar om in het winkeltje te worden verkocht. Tussendoor veeg ik wel eens het plankier of wied ik onkruid. Ik ben ook al meegereden met de jeep naar het land : toen moeste bomen bomen gesnoeid worden en ik hielp mee om het snoeihout op stapels te leggen. We hebben ook soms koffiepauze Als er kalfjes zijn moet ik daar wel eens vers stro leggen. Er is een klein winkeltje waar de boerderijproducten worden verkocht : de boerin maakt choco, yoghurt, kaas, chocolademousse, cake en nog andere dingen. ’s Avons mag ik daar dan blijven eten en dat vind ik zeer gezellig. Soms help ik de oudste zoon om de kuikentjes uit de broeikas te nemen en naar boven te dragen waar ze in aparte hokken worden gestoken, bij hun moeder. Dan worden nieuwe eieren in de broeikas gelegd. Er is ook een groot paard en twee pony’s. Een tijdje geleden hielp ik patatten planten : met een emmer onder de arm moest ik de plantpatatjes in een putje gooien. De boer maakte de gleuf en dekte de nieuwe planten toe met aarde. Er is veel land rondom de boerderij. De grote werken op het land zoals ploegen doet de boer met de tractor. Ik ga zeer graag werken op de boerderij.”
Lucie, juni 2004 |